Léonie in Afrika

Léonie Dieleman vertrok in 1997 vanaf de Zeeuwse kust naar Brazilië, waar ze in Rio de Janeiro werkte met kinderen en jeugd in de favella’s. In 2005 volgde een uitzending naar het eveneens Portugees-talige Mozambique in Afrika. In de havenstad Beira zette ze samen met locale mensen een tienerprogramma op, dat ze ruim twaalf jaar draaide op publieke scholen. Uit dit tienerprogramma ‘Er is niemand zoals jij’ groeide een train-de-trainer cursus voor volwassenen die eveneens met adolescenten werken. Inmiddels is dit programma beschikbaar in het Engels en het Portugees.

In 2018 had Léonie een sabbatical en kwam tijdelijk in Veere te wonen, waar ze besloot lid te worden van de PKN ter plaatse. Inmiddels is ze terug in Mozambique. Deze keer op het platteland, waar ze in één van de locale bantoe-talen betrokken is bij alfabetiseringswerk.

Hieronder kunt u haar meest recente nieuwsbrief lezen.

Meer informatie en nieuwsbrieven zijn te vinden op de website: www.leoniedieleman.wordpress.com.

Nieuwsbrief van Léonie, september 2022

Blij dat ik rij..


Sinds kort zoef ik over de Afrikaanse zandpaadjes in Lamego en naar de omringende dorpjes op een heuse opoefiets! Tweedehands fietsen worden uit Denemarken in onderdelen naar Mozambique vervoerd, in elkaar gezet en verkocht. En laat ik nu tussen die fietsen een héérlijk rijdende opoefiets vinden! Inmiddels aangekleed met een uit Nederland meegebrachte bloemenslinger en fietstassen.. Het is wel enigszins opmerkelijk dat ik de laatste tijd steeds vaker ‘vovó’ (oma) word genoemd. Of dat óók verband houdt met die opoefiets?😊 Daarnaast stond ik vorige week in een ellenlange rij bij de bank, toen er een beambte naar me toe kwam en zei: ‘gezien uw leeftijd mag u vóóraan plaatsnemen’. Ik lag dubbel en heb vriendelijk bedankt. Even was het verleidelijk van het aanbod gebruik te maken, maar ik vind het niet gepast wanneer een blanke een rij Afrikanen passeert.

Soms oogst je wat je niet gezaaid hebt en zo ging ik een paar keer mee met Adelia en João om rijst te snijden. In een nabijgelegen water had João de avond ervoor een zelfgevlochten rieten vismand gelegd en tussen de middag werden een paar van die zo 13 gevangen visjes op een vuurtje geroosterd. Ondanks dat ik niet van vis houd, zijn dit gouden-geniet-momenten, die ook nog goed zijn voor het leren van de lokale taal, het Sena.


Het omgekeerde komt ook voor: Je oogst niet altijd dat wat je hebt gezaaid. Soms zaai je ook niet eens zo héél veel, maar ben je op het juiste moment op de juiste plek en heb je de juiste mogelijkheden: Ik was in Beira en mijn vroegere buurvrouw Rosa was al anderhalf jaar ziek. Zíj was het die, nadat er bij mij ingebroken was, een deel van de buit geweigerd had omdat ze aanvoelde dat het geen ‘kosjer’ geld was. Zíj was het ook die haar zuinig verzamelde spaarcenten om golfplaten te kunnen kopen, gebruikte om haar oudste zoon uit de gevangenis los te kopen. Zíj was het die met een pasgeboren kleinkind op schoot tegen mij zei: ‘een nieuwgeboren straatvegertje’, wijzend op zijn toekomst en haar beroep. Ik schreef over haar in m’n boekje ‘de vrouw die zeven koeien waard was’. Rosa, erg gefrustreerd, was als forse vrouw inmiddels de helft in omvang verminderd. Ze zei: ‘Ik wilde dat ik AIDS had, dan krijg je tenminste medicijnen om aan te komen; maar ik test telkens negatief’ (..). Ze was naar 3 verschillende ziekenhuizen geweest, maar nog steeds wist ze niet wat ze mankeerde.

Ondertussen was ik in de stad gesignaleerd door Manuel, een afgestudeerd arts, die inmiddels een hoge positie bekleedt binnen de gezondheidszorg van de provincie. Hij had een appje gestuurd naar een vroegere collega in Amerika: ‘Kan het dat ik Léonie gezien heb in Beira?’ Daar werd bevestigend op geantwoord. Ondertussen waren daar in die zeecontainer bij Rosa ook míjn gedachten naar deze Manuel uitgegaan. Misschien zou híj kunnen helpen, maar hoe kwam ik aan zijn telefoonnummer? Manuel had jaren terug zijn middelbare school afgerond en wilde graag medicijnen gaan studeren. Zijn familie had hiervoor geen geld. Ik hoorde ervan en had nog een studiebeurs beschikbaar, maar het was eigenlijk te laat om alles nog voor de inschrijving rond te krijgen. Toch heb ik die dag de benen van onder m’n lijf gefietst - op een ander 2e hands rijwiel - en het lukte om Manuel alsnog in te schrijven! Nu had ik deze Manuel nodig voor mijn buurvrouw.. Via via kreeg ik z’n telefoonnummer en zo gingen we samen naar Rosa. Manuel zag direkt op de medische papieren dat ze suikerziekte had en de volgende dag kreeg ze in het ziekenhuis een - voor Mozambicaanse begrippen - VIP-behandeling. De medicijnen die ze nodig had, werden door dokter Manuel voor haar gekocht! Rosa was zéér verbouwereerd en zei: ‘Dit heb ik nog nóóit meegemaakt, dat een dokter medicijnen gaat kopen voor een patient!’

Niet zo heel veel later kwam ik in Lamego een vrouw tegen met oogproblemen. Ze vertelde van een arts die haar aan zíjn arm naar de bus had gebracht en oogdruppels voor haar had gekocht. Ik dacht: ‘Wat heb ik nu aan m’n fiets hangen?’ En ja hoor, het bleek dezelfde Manuel te zijn! Als u Mozambique een beetje kent, zou u weten dat dit zéér, zéér maar dan ook zéér uitzonderlijk is, maar het bestaat dus!

De laatste keer dat ik in Nederland was, werd me gevraagd hoe een dag er hier uitziet. Wel, dat is heel verschillend; de ene keer staat er een les op de lerarenopleiding gepland, dan weer loop ik diverse keren op een dag naar de apotheek om medicijnen voor mensen te halen. Soms komen er buurtkinderen die graag beter willen leren lezen. Dan weer spurt ik naar de bakker om te kijken of er warm versgebakken brood is uit de houtoven en koop gelijk bananen. Of ik spring op de fiets met een stuk suikerriet in m’n fietstas naar één van de alfabetiseringsklassen. Het is de tijd van de suikerriet-oogst; mega lange stengels. Die worden voor consumptie eerst in kleinere stukjes gesneden. Een geweldig hulpmiddel om te gebruiken bij het leren dat een lang woord ook ‘ge-sne-den’ moet worden in verschillende stukjes.

Soms ga ik met een stoeltje bij de markt zitten om Senataal te horen en ik krabbel sowieso onderweg vaak nieuwe woorden op. Net voor het donker loop ik regelmatig een paar kilometer hard en een enkele keer loop ik ’s avonds onder een prachtige sterrenhemel nog even naar één van de hutjes waar mensen op een houtsvuurtje aan het koken zijn. De avonden duren soms lang, omdat er niets te doen is en er geen verlichting buiten is. Door de stoffige omgeving heb ik veel last van m’n ogen. Ik ben echter zéér verwonderd en dankbaar hoe m’n weg teruggeleid is naar het platteland in Mozambique. Jaren geleden was ik hier ook af en toe en heb ik destijds geïnvesteerd in de taal, de kultuur en de mensen. Het is zéér geriefelijk om in plaats van helemaal ‘from scratch’ te moeten beginnen, op een soort bewerkte grond terug te komen. Dat zoeft, ondanks dat ik blijkbaar op leeftijd begin te komen, heel speciaal op een 2e hands fiets.


Groet, Léonie

Nieuwsbrief van Léonie, juni 2022